Modelbouw Atelier Apeldoorn

Toeristisch attractie: Aster Southern Mikado

Door: Nick Moeken 

 

Het is 1963 als Southern Railroad de Central Georgia lijn met de Cincinnati, New Orleans and Texas Pacific lijn integreert.
Precies twintig jaar later, in 1983, gaat Southern een samenwerking -en later dat jaar- een fusie aan met Norfolk & Western.
De uitkomst raadt zich: Norfolk & Southern.
Southern was aan het eind van de vijftiger jaren al overgestapt op diesel-locomotieven, maar wilde als attractie een stoomlocomotief voor zestien overgebleven Cresent wagons gebruiken.
De 4501 stoomlocomotief kwam voort uit een oude Pacific 4-6-2, werd door Baldwin gerestaureerd in de oorspronkelijke groene kleuren.
Met deze Southern Mikado gaat het Japanse bedrijf Aster terug naar 1966.
Voor het eerst toont men een model, dat in werkelijkheid nooit in de ‘oude’ tijd heeft gereden. De keuze van een Mikado was wat vreemd, omdat de luxe Cresent trein door de evenzeer beroemde PS2 en PS4 modellen werd voortgetrokken.
Aster had reeds een basale Mikado "Nickel Plate" geproduceerd, dus koos men voor de onconventionele weg om een geavanceerde versie van de Mikado te produceren, The Southern 4501. Eigenlijk verschillen de twee modellen maar op een paar punten.
Zo heeft deze versie een as-voedingspomp, en een visueel aantrekkelijker uiterlijk.

 

In stijl verpakt

De zorg, die Aster aan de verpakking van deze locomotief heeft besteedt, zet zich voort in het bedieningsgemak. De locomotief wordt in een stevige doos met handvat verpakt. Verschillende extra onderdelen, een stukje demonstratierails en een uitgebreide constructiehandleiding vergezellen het geheel. Het kost wat, maar Aster verzorgt zijn verpakking in stijl.
Slechts enkele Aster locomotieven van de afgelopen vijftien jaar hebben nog een radius nodig van drie meter. Twee is inmiddels voor de grotere locomotieven de norm, met uitzondering van de Noble Lady, een Duitse BR03 en de kolossale Allegheny. Ook de basis Mikado en deze Southern kunnen met een radius van twee meter leven, maar op de baan hier bij Modelbouw Atelier ogen de 3  meter bogen veel professioneler.
Daarmee geven we direct een probleem aan, waar slechts zelden over nagedacht wordt bij de aanschaf van een locomotief: ruimte!
Grote Asters vragen om grote ruimtes. Zelfs de middelgrote 1600 bogen van LGB, jarenlang de norm, maken net geen radius van twee meter. Koop je dus Asters om te verzamelen, dan heb je geen problemen. Maar wil je ermee rijden, dan is een baan met 3 meter radius een minimum vereiste.
Alle Aster locomotieven zijn op schaal ten opzichte van de Standaard spoorbreedte van 1435 mm of aangepast op ‘narrow gauge’, meestal een meter in breedte. Alles rijdt op rails met een spoorbreedte van 45 millimeter. De baan van Modelbouw atelier bestaat uit bogen en rechte stukken van het Engelse bedrijf Peco en heeft twee handgebouwde wissels met afstandsbediening. 

 

De SOUTHERN wordt opgestookt voor een rit met 52 assen aan de haak

Prettig bereikbare hendels

Zodra de Southern op de rails staat, zijn water, stoomolie en alcohol voldoende op hem aan de praat te krijgen. Een vlammetje onder de vuurkist en een ventilator (suction fan) op de schoorsteen zorgen ervoor dat de locomotief actief wordt.
Met een ketel van 400 cc inhoud, duurt het ruim tien minuten om op stoom te komen.
Theoretisch kun je hem daarna de hele dag aan de praat houden.
In het machinistenhuis bevinden zich twee handig geplaatste hendels, een voor de regulateur en een voor de blazer.
De blazer wordt tijdens het rijden niet gebruikt, maar moet direct bijgezet worden zodra de locomotief tot stilstand komt.
Tevens bevat het machinistenhuis een omzethendel voor de scharen, waardoor de loc voor- of achteruit kan rijden.
Omdat de Southern locomotief uit twee delen bestaat, locomotief en tender, ben je snel geneigd om, als beide eenmaal  gekoppeld zijn, ze zo te laten. Maar als je dan alleen bent, kun je het verplaatsen van de loc wel vergeten.
Na een middagje rijden, is het verstandig loc en tender te scheiden.
Dit betekent dat je wel telkens drie verbindingen tussen loc en tender moet aanbrengen. Water en alcohol vul je namelijk in de tender, en de derde leiding zorgt voor het retourwater, via de bypass, naar de tender.
Als een van de weinige fabrikanten van model-stoomlocomotieven levert Aster veelal een loc met een automatische voedingspomp.
Zeer belangrijk om tijdens het rijden in de gaten te houden. Deze houdt namelijk het waterpeil in de ketel in stand.
Met behulp van een hendeltje (bypass) kan de machinist de pomp volop laten werken, of een deel van het water terug laten pompen in de tender. In de praktijk wordt dit al snel het belangrijkste sturingsmechanisme.
Door een juiste omgang met deze bypass, die overigens op deze locomotief op een wat onhandige plaats is aangebracht, kan de waterstand in de ketel secuur worden gehandhaafd. 

 

Een blik op de voetplaat, de slang is verbonden met de bypass kraan

 

Uiterst handelbaar

Dit is een grote, maar zeer beheersbare locomotief. Zoals je elders op deze website kunt lezen, is dat lang niet altijd het geval.
Vooral locomotieven van voor 1985 waren grillig in hun rijgedrag. De Aster BR78, de BR86, de PRR K4 zijn daar goede voorbeelden van. Allemaal locomotieven, die veel vermogen produceren en eigenlijk niet zonder een behoorlijk aantal wagons kunnen opereren.
De Zwitserse SBB 3/5 bleek zelfs zo grillig, dat hij bijna onhandelbaar werd.
Met deze Southern ligt dit duidelijk anders.
Dit is misschien wel de meest handelbare, grote locomotief, die Aster tot nu toe geproduceerd heeft.
Een mooie, goed hoorbare, exhaustslag vergezelt de ritmische gang van dit beestje.
Met een tiental wagons achter zich moet de locomotief werken. Dan valt alles het best samen. Hij komt mooi op gang, heeft het juiste geluid en op een niet al te warme dag produceert hij een prachtige stoompluim.
Als er nou ook nog eens iemand op stond die een ampul met een kolenluchtje zou produceren! Natuurlijk is het geen vervanging voor het echte werk, maar het is toch verbazingwekkend, dat niemand iets dergelijks heeft geproduceerd.

 

Het majestueuze drijfwerk

 

Wat hangt er achter?

Voor de Aster Cresent kun je dure Barrett Engineering wagons krijgen, die exact op schaal en handgebouwd geleverd worden.
Daarnaast kun je voor goederenwagons van verschillende fabrikanten in schaal 1 op 32 kiezen.
Een betaalbaar alternatief zijn de Crescent passagierswagons van de Amerikaanse firma Aristocraft. Deze Heavyweights zijn met een schaal van 1 op 29 een klein maatje groter dan wat ze zouden moeten zijn, maar door ketel-compensaties wijkt ook deze Southern iets van de standaard maat af, wat elkaar min of meer opheft.
De nieuwe Heavyweights zijn hier prima op hun plaats en hebben inmiddels geen problemen meer met de kunststofverbindingen in 1600 wissels van LGB, wat tot voor kort nog wel zo was.
Zowel LGB als Aristocraft leveren nu wissels en bogen met een minimale diameter van 3 meter.
Inmiddels is de Southern niet langer leverbaar.
Na 243 exemplaren hield Aster het voor gezien. Hier bij Modelbouw Atelier hebben we een demonstratiemodel beschikbaar, inclusief alle bescheiden en de originele doos. Was de prijs 6536 Euro, dit exemplaar kost 5900 Euro.
Met betrekking tot de handleiding nog één ding: Aster heeft hem vergeten te maken.
De locomotief wordt met bouwinstructies, onderdelenlijst en tekeningen geleverd, maar niet met een gebruiksaanwijzing.
Echter, voor zo’n grote machine is het klaarstomen en rijden doodeenvoudig.

 

Opstoken!

 

Powered by the Spirit CMS